Feeds:
Berichten
Reacties

Archive for september, 2013

1. Jullie komen allen voor mij,

dit maakt me heel angstig.

Jullie zijn allen zo lief voor mij,

ik ben hierdoor beschaamd.

Jullie praten veel,

ik weet niet wat te zeggen / val stil.

Jullie kijken me aan,

ik geraak hierdoor verward.

                                        6-7-2003 

2. Je hoeft niet verdrietig te zijn,

ik wilde je alleen mijn gevoelens verwoorden.

Je hoeft niet te huilen,

ik ben het gewoon om zo te leven.

Je hoeft het niet te aanvaarden,

ik wil alleen dat je wat begrip toont.

                                                6-7-2003

3. Ik wil je iets zeggen,

maar dan weer niet.

Ik wil alleen zijn,

maar dan weer niet.

Ik wil je een knuffel geven,

maar dan weer niet.

Ik wil een activiteit doen,

maar dan weer niet.

Ik wil je zien,

maar dan weer niet.

                                  8-7-2003

4. Ik zou willen dat ik anders was,

maar het lukt mij niet.

Ik zou willen dat ik het kon stoppen,

maar het lukt mij niet.

Ik zou willen dat ik mezelf niet zo haat,

maar het lukt mij niet.

Ik zou willen dat ik mezelf kan zijn,

maar het lukt mij niet.

                                    10-7-2003

5. Mijn leven is zinloos,

mijn leven is niks waard,

mijn leven is nutteloos,

mijn leven is voorbij.

                                    9-7-2003

6. Als ik iets zeg,

luister echt naar wat ik zeg.

Als ik iets toon,

kijk echt naar wat ik toon.

Als ik iets wil,

laat mij dit dan echt doen.

Als ik iets voel,

laat mij dit dan echt voelen.

                                     10-7-2003

 

7. Ik heb net een gesprek gehad met jou,

je hebt mij schuldig gemaakt.

Ik heb geprobeerd je uit te leggen hoe ik ben,

je leek het niet te begrijpen.                                 

Jij hebt mij jouw visie uitgelegd,

ik begrijp het niet.

Jij vraagt mij om het gesprek te vergeten,

dit kan ik niet.

                               11-7-2003

8. Ik wil geen pijn  meer hebben,

ik wil geen angst meer hebben,

ik wil geen onrust meer hebben,

ik wil geen negativiteit meer hebben,

ik wil zo geen leven meer hebben.

                                15-7-2003 

9. Vol angst,

vol onbegrip,

vol woede,

vol met schaamte,

vol onzekerheid,

vol negativiteit.

Dit is zowat mijn leven.

                           16-7-2003

10. Ik wil opnieuw kunnen lachen,

maar ben zo verdrietig.

Ik wil opnieuw kunnen genieten,

maar ben zo negatief.

Ik wil opnieuw onder mensen kunnen komen,

maar ben zo angstig.

Ik wil opnieuw kunnen leven,

maar ben aan het overleven.

                                  30-7-2003

 

Read Full Post »

iedereen willen helpen

Van zodra ik iemand in nood weet, wil ik alles doen om die persoon te helpen. Van zodra ik weet dat ik iemand plezier kan doen, dan ga ik ervoor.

Het is al jaren zo dat ik graag andere mensen help.

Ik herinner mij nog dat tijdens één van mijn vele opnames mij gezegd werd dat ik moest stoppen mij te bemoeien met andere patiënten, en dat ik meer aan mezelf moest denken. Ik mocht anderen niet meer helpen. Hoe kon ik dit doen? Wat is dit aan jezelf denken? Ze vroegen mij iets dat tegen mijn natuur indruist.

Het is zo dat ik mij meer dan ten volle 100% inzet voor die familielid, die vriend, die online contactpersoon. Ik ben dan continu een oplossing te proberen aan het zoeken voor het probleem dat deze persoon heeft. Zelfs al weet ik dat onmogelijik is, dat ik dit probleem niet kan oplossen. Het lukt mij niet om het uit mijn hoofd te zetten. Ik vind geen rust zolang ik weet dat deze persoon pijn heeft, angstig is, in de problemen zit. 

Het is dus niet te verwonderen dat ik zo moe ben, zoveel pijn heb. Ik heb het gevoel van al het leed van de wereld op mijn schouders te moeten dragen.

Ik ben aan het leren dat er zaken zijn waar ik niets aan kan doen (zoals oorlogen, het lijden in de derde wereld,…). Maar voor mensen die me nauw aan het hart liggen is dit moeilijker. Daarom dat ik geen neen kan zeggen als mijn zus vraagt of ik op haar kinderen kan letten. Ik luister altijd naar mijn familie als ze eens hun hart willen luchten, zonder hen te oordelen, zonder iets te zeggen dat hen zou kunnen kwetsen (ook al ben ik soms niet altijd akkoord met wat ze zeggen). Ik zal niet weigeren als mijn broer mij om een gunst vraagt. 

Ik sta ook altijd klaar om een bemoedigend woord te schrijven aan mijn vele online contacten (vrienden). Hen gewoon zeggen dat ik het begrijp, dat ik er voor hen ben. 

Het is wel zo dat ik dan erna pas voel hoe erg ik weer boven mijn eigen grenzen gegaan ben. Hoeveel energie het mij wel niet gekost heeft. Op het moment zelf voel ik het niet, omdat ik continu bezig ben, dat ik geen tijd heb om eens uit te rusten. Maar als ik erna terug thuis ben, en mij in de zetel leg, dan voel ik pas hoe uitgeteld ik ben. De dagen erna is slapen bijna het enige dat ik kan doen. En dit vind ik niet fijn. Want ik wil gewoon genoeg energie hebben voor iedereen. Om iedereen te kunnen helpen! Want ik heb de indruk dat dit mijn doel is in mijn leven: zoveel mogelijk anderen helpen waar ik kan, zelfs al is het ten nadele van mijn eigen welzijn. 

Read Full Post »

Ik heb lang getwijfeld of ik een blog zou schrijven over zelfmoord. Het is immers een onderwerp waarover nog te veel gezwegen word. Onterecht vind ik. In onze hedendaagse maatschappij  zouden er geen “verboden over te praten” onderwerpen meer mogen zijn.

Het is belangrijk om over zelfdoding te praten, want elke dag zijn er heel wat mensen die hieraan overlijden. Er moet veel meer informatie over zijn, mogelijkheid om er open over te praten (zonder veroordeeld te worden, met respect en begrip). 

Rond mijn 15 jaar zijn mijn eerste zelfmoordgedachten gekomen. Door gepest te worden op school, mij anders voelen, moeite met leren. In mijn laatste jaar middelbaar onderwijs is het bijna gekomen tot een poging. Ik was van plan om voor de metro te springen. Heb het dan toch niet gedaan. Waarom? Geen idee. Uit angst dat het niet zou lukken? Uit angst verminkt te zijn?

Op mijn werk, ik was toen 25 jaar oud, had ik bijna mijn eerste poging. Een waakzame collega, die afwist dat het niet goed ging met mij, heeft het mes afgepakt waarmee ik mijn polsen zou opensnijden. Mijn baas heeft toen mijn huisarts opgebeld, en ik werd opgenomen op spoed voor één nacht. Diezelfde collega heeft de riem van mijn kamerjas afgenomen. (uit voorzorg).

Na die spoedopname zijn vele andere opnames gevolgd. 

Een avond wilde ik me verbranden. Ik was aan het spelen met een aansteker. Medepatiënten hebben de verpleging opgeroepen. Ik werd voor die nacht in isolatie gebracht.

In dit zelfde ziekenhuis, ben ik eens weggelopen. Ik had een nota achtergelaten zeggende dat ik mijn familie zou vermoorden en me dan van het leven zou beroven. Pas s’avonds werd ik gevonden door een verpleegster die naar huis reed. De politie was bij mijn ouders thuis langsgeweest. Ik was mezelf niet meer door de medicatie, kon niet meer logisch nadenken, en kreeg voortdurend te horen van de verschillende psychiaters dat mijn ouders de schuldigen waren. Het was door hen dat ik me zo voelde.

Na dat weglopen vroeg ik aan mijn psychiater of het niet goed zou zijn dat ik gesprekken heb met een psycholoog. Psychiater antwoordde dat hij daar het nut niet van inzag, dat ik met hem kon spreken. 

Tijdens mijn laatste opname was het me bijna gelukt om mij van kant te maken. Ik had medicatie opgespaard. En op een dag alles in één keer genomen. Ik herinner mij nog dat een verpleegster langsgekomen is en vroeg wat ik deed. Ik moest mij op mijn bed leggen. Daarna weet ik niets meer. De volgende ochtend werd ik wakker op spoed. Mijn maag was leeggepompt, ik had plakkers op mijn borst om mijn hartritme te meten.

Toen ik terug kwam in de psychiatrische inrichting, heeft niemand me aangesproken, gevraagd hoe het nu met mij ging, of ik nood had aan een gesprek. Bij aanvraag later bleek het dat ik het zelf moest gevraagd hebben. Jeetje toch, ik had net geprobeerd mijzelf te vermoorden, en moest dan nog zelf om een gesprek vragen. Zij zijn er toch om de patiënten te helpen. 

Ik denk nog vaak aan  zelfmoord. Maar wees niet ongerust: ik zal geen poging meer ondernemen. Ik ben hier te moe voor. En daarbij weet ik dat ik veel mensen enorm veel pijn zou doen mocht ik er niet meer zijn.

Ik heb het geluk dat ik een familie heb die enorm veel van mij houd, enkele bijzondere vrienden, contacten op sociale media die me begrijpen. Dit houd mij min of meer op de been.

Ik denk wel soms: moest ik morgen niet meer wakker worden, dan zou ik dit niet erg vinden. Want het is zo uitputtend om elke dag te leven met chronische pijnen, enorme angsten, minderwaardigheidsgevoelens, altijd dat moe zijn, het denken in mijn hoofd dat nooit stopt. 

Ik wil nog even melden dat mijn inspiratie om een blogpost over zelfdoding te schrijven komt door het lezen van het boek van Viktor Staudt “Het verhaal van mijn zelfmoord”. 

Read Full Post »